← Alle verhalenExtra denkspelletje

Denken & logica · Klassieke paradox

De liegende zin

Kan een zin zichzelf tegenspreken?

Vier woorden zetten waar en onwaar in een eindeloze achtervolging.

Vanaf ongeveer 12 jaar · circa 10 minuten · alleen of samen
Twee jongeren bekijken een spreeklint dat naar zichzelf terugbuigt.
01Denken & logica

01 · Lees mee

Vier lastige woorden

Op het bord staat één zin:

“Deze zin is onwaar.”

Amir pakt een groen kaartje voor waar. Noor pakt een rood kaartje voor onwaar. Welk kaartje zou jij proberen?

Wat zou jij zeggen of doen? Je hoeft nog geen oplossing te hebben.

Nog even spelen?

Zelfde vraag.
Ander avontuur.

Hier zijn drie korte voorbeelden. Kies wat jij denkt en kijk wat er achter je keuze zit. Probeer gerust ook een ander antwoord.

Voorbeeld 1 van 30 uitgeprobeerd

Twee verdachte briefjes

Op briefje A staat: ‘Wat op B staat, is onwaar.’ Op B staat: ‘Wat op A staat, is waar.’ Noor wil op elk briefje een sticker ‘waar’ of ‘onwaar’ plakken.

Waar begin jij?

Twijfelen mag. Zeg vooral waarom.

Nu jij, van het scherm af

Speel de waarheidsmachine

3 minuten · met z’n tweeën

Nodig: Twee briefjes en een potlood

  1. Schrijf op A: ‘B is onwaar.’ Schrijf op B: ‘A is waar.’
  2. Iemand kiest voor A ‘waar’. De ander volgt hardop wat dat voor B betekent, en dan weer voor A.
  3. Wissel van rol en begin met A ‘onwaar’. Zoek waar jullie botsen.

Zou een derde sticker helpen? Wat zou daarop staan — en wat bedoel je ermee?

Zin in nog eentje?

Welke vraag komt hierna?

02 · Niets is beter →Terug naar het overzicht